Sociale media kan veel beter ingezet worden door de overheid.

De Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB) heeft deze maand een rapport uitgebracht over de kansen en risico’s van sociale media in de representatieve democratie met als titel: “In gesprek of verkeerd verbonden?”

 In het rapport wordt geconstateerd dat de verticale, hiërarchisch gestructureerde politiek moeilijk om kan gaan met de horizontale communicatie die kenmerkend is voor de sociale media. Anders gezegd politici willen nog veel te graag roepen en besluiten en zijn veel minder genegen om te luisteren of anderen beleid te laten maken. Deels heeft dat natuurlijk met de vertegenwoordigende rol te maken die je als gekozen ambtsdrager hebt maar je kunt, en moet, als politicus toch veel beter gebruik maken van de sociale media. Dat de politiek wel redelijk snel leert blijkt uit het volgende voorbeeld uit het rapport:

In november 2009 dienden tijdens de algemene beschouwingen de vier Zuid-Hollandse Statenleden die toen twitterden een motie in die het college van gedeputeerde staten verzocht op de website van de provincie een overzicht te plaatsen van op Twitter actieve Statenleden. De reactie van het college was ronduit afwerend; gedeputeerde Van Heijningen (VVD) deed geen moeite zijn weerzin tegen dit sociale medium te onderdrukken: “Ik denk dat dit technisch helemaal geen probleem is, als u mij maar niet gaat vragen of ik er gebruik van wil maken. Als ik iets niet wil doen, dan is het twitteren. Ik kijk met verbazing om me heen en zie hoe belangrijk communicatie tussen personen en tussen instanties is en hoeveel desinformatie voorbijkomt omdat er getwitterd wordt. De een verzint nog leukere opmerkingen dan de ander, tot een bezoek aan de wc aan toe. Ik denk niet dat dit de

manier is waarop wij met elkaar moeten omgaan. Als de Staten willen twitteren, dan worden de Staten met een Twitterknop bediend. Zolang u mij maar niet vraagt om er gebruik van te maken.” Twee jaar later is het aantal twitterende Statenleden gestegen van 4 naar 26 en maakt de provincie Zuid-Holland in haar reguliere communicatie zelf actief gebruik van het medium twitter. Ook kunnen nieuwsberichten via de website gelinked en vervolgens geliked worden aan bijvoorbeeld Facebook, LinkedIn.

 De nieuwe technieken maken volgens het rapport de directe democratie steeds meer mogelijk:

De representatieve democratie is ontworpen omdat een directe Atheense democratie praktisch gezien niet was te realiseren: het was immers te kostbaar en organisatorisch te complex om voor elk vraagstuk grote groepen mensen bij beleids- en besluitvorming te betrekken. Daaruit is een indirecte democratievorm voortgekomen, waar mensen hun vertegenwoordigers kunnen kiezen die namens

hen besluiten nemen en controle uitoefenen op het bestuur. Met de komst van nieuwe en meer specifiek sociale media staat – technisch gesproken – niets meer een directe Atheense democratie in de weg. Via computer en mobiele telefoon zijn er geen technische barrières meer voor dagelijkse stemmingen; de weg is vrij om mensen continu en intensief bij het oplossen van maatschappelijke en politieke vraagstukken te betrekken.

 Het rapport dat te vinden is op: http://www.rfv.nl/default.aspx?skin=Rob&inc=detail&nieuws_id=1159&type=actueel sluit af met een aantal conclusies waarvan ik er nog 1, waar ik het zeer mee eens ben wil citeren:

 In de eerste plaats adviseert de Raad overheidsinstellingen en politieke partijen om sociale media integraal op te nemen in hun communicatiestrategie. Het gebruik van sociale media moet niet meer een leuke aanvulling zijn op het al bestaande palet van communicatie-instrumenten. Sociale media dienen een eigenstandige,strategische plaats te krijgen in de communicatiemix te krijgen.

Tags:  ,

Laat een reactie achter


Login